Energielabel verbeteren: zo maak je jouw woning energiezuiniger
Energielabel verbeteren? Ontdek welke isolatie, warmtepomp en zonnepanelen helpen, welke subsidies in 2026 gelden en hoe je een nieuw label aanvraagt.

Laatst bewerkt: 15 oktober 2026
In dit artikel
Wil je het energielabel verbeteren van je woning? Begin dan bij de onderdelen die het energieverlies structureel verlagen: isolatie, glas en ventilatie. Daarna kun je kijken naar een zuinig verwarmingssysteem, zonnepanelen en eventueel energieopslag.
Een energielabel loopt van A++++ voor zeer energiezuinige woningen tot G voor zeer onzuinige woningen. Het label wordt niet gebaseerd op jouw werkelijke energierekening, maar op een gestandaardiseerde berekening van de woning. Daarbij wordt onder meer gekeken naar isolatie, ventilatie, verwarming, warm water en duurzame energieopwekking.
Sinds 29 mei 2026 heeft het energielabel een vernieuwd ontwerp. Daarop zie je uitgebreider hoe de woning scoort op energiebehoefte, fossiel energiegebruik, hernieuwbare energie, isolatie en aanwezige installaties. Ook bevat het label concrete verbetermogelijkheden.
Energielabel verbeteren in het kort
De slimste volgorde is meestal:
- Controleer je huidige energielabel en de verbeter adviezen.
- Isoleer het dak, de gevels en de vloer.
- Vervang enkel of oud dubbel glas door HR++-glas of triple glas.
- Zorg voor energiezuinige en gezonde ventilatie.
- Stap over op een zuinigere verwarmingsinstallatie.
- Wek zelf duurzame energie op met zonnepanelen.
- Laat na de werkzaamheden een nieuw energielabel registreren.
Welke maatregelen nodig zijn, hangt af van het bouwjaar, woningtype, huidige isolatie en aanwezige installaties. Eén maatregel levert daarom niet bij iedere woning dezelfde labelsprong op.
Wat zegt het energielabel over je woning?
Het energielabel laat zien hoeveel fossiele energie een woning volgens een vaste rekenmethode nodig heeft. Een gecertificeerde energieprestatieadviseur verzamelt hiervoor technische gegevens over de woning en voert deze in speciale rekensoftware in. De berekening gebeurt volgens de NTA 8800.
Bij de beoordeling wordt onder andere gekeken naar:
- de isolatie van dak, gevels en vloer;
- het type glas en de kozijnen;
- de kierdichting;
- het ventilatiesysteem;
- de installatie voor verwarming;
- de bereiding van warm tapwater;
- eventuele koeling;
- zonnepanelen en andere hernieuwbare energie;
- vanaf 29 mei 2026 ook de waardering van elektriciteits- en warmteopslag.
De in 2026 vernieuwde NTA 8800-methodiek waardeert energieopslag, waaronder batterijen, via een correctiefactor. De invloed van een thuisbatterij op het uiteindelijke label is doorgaans kleiner dan die van isolatie, zonnepanelen of een warmtepomp.
Het energielabel is niet hetzelfde als je energieverbruik
Het energielabel gaat over de woning en de gebouwgebonden installaties. Het houdt geen rekening met het aantal keer dat je doucht, de temperatuur waarop je de thermostaat zet of het stroomverbruik van bijvoorbeeld je koelkast en televisie.
Daardoor kan een bewoner van een woning met label C minder energie gebruiken dan een andere bewoner van een woning met label A. Het label blijft wel een goede indicatie van de energetische kwaliteit van het gebouw.
Waarom je energielabel verbeteren?
Een beter energielabel kan verschillende voordelen opleveren.
Lagere energievraag
Door je woning goed te isoleren, verdwijnt er minder warmte via het dak, de buitenmuren, ramen en vloer. Daardoor hoeft de verwarming minder hard te werken. Dat verlaagt doorgaans het gas- of stroomverbruik.
Meer wooncomfort
Isolatie en goed glas verminderen koude oppervlakken, tocht en temperatuurverschillen. Vloerisolatie zorgt bijvoorbeeld voor een warmere vloer, terwijl HR++-glas de koudeval bij ramen beperkt.
Een woning die beter voorbereid is op duurzame verwarming
Een volledig elektrische warmtepomp werkt het efficiëntst bij een lage aanvoertemperatuur. Daarvoor moet de warmtevraag van de woning voldoende laag zijn. Goede isolatie is daarom vaak de eerste stap richting aardgasvrij verwarmen.
Mogelijk aantrekkelijker bij verkoop of verhuur
Het energielabel wordt meegenomen in taxaties en geeft kopers of huurders inzicht in de verwachte energetische kwaliteit van de woning. Volgens de Rijksoverheid kan een gunstig energielabel de verkoop of verhuur ondersteunen en invloed hebben op de woningwaarde. De precieze invloed verschilt per woning en marktsituatie.
Meer financieringsruimte voor verduurzaming
In 2026 mag voor energiebesparende maatregelen onder voorwaarden extra hypotheekruimte worden gebruikt. Voor woningen met label E, F of G kan dit oplopen tot € 20.000, voor label C of D tot € 15.000 en voor woningen met label B tot en met A++ tot € 10.000. De daadwerkelijke leencapaciteit hangt ook af van inkomen, financiële verplichtingen en de voorwaarden van de geldverstrekker.
Welke maatregelen verbeteren het energielabel?
Onderstaande indeling is indicatief. De werkelijke invloed wordt berekend aan de hand van de volledige woning.
Maatregel | Mogelijke invloed op het label | Vooral interessant bij |
|---|---|---|
De verbeteradviezen op het energielabel zelf vormen een goed vertrekpunt. Het vernieuwde label laat zowel de technische kenmerken als mogelijke verbeteringen zien.
1. Begin met het isoleren van de woning
Isolatie verlaagt de warmtevraag van de woning en vormt daarom meestal de basis van een beter energielabel.
Dakisolatie
Warmte stijgt op. Bij een slecht geïsoleerd dak kan daardoor veel warmte verloren gaan. Een schuin dak kan aan de binnen- of buitenzijde worden geïsoleerd. Heeft de zolder geen verblijfsfunctie en wordt deze niet verwarmd, dan kan isolatie van de zoldervloer soms een logisch alternatief zijn.
Spouwmuurisolatie of gevelisolatie
Veel woningen die na ongeveer 1920 zijn gebouwd, hebben een spouwmuur. Is de spouw nog leeg of slechts beperkt geïsoleerd, dan kan na-isolatie een relatief snelle verbetering zijn.
Niet iedere gevel is direct geschikt. Laat vooraf controleren op vochtproblemen, vervuiling in de spouw en de aanwezigheid van beschermde diersoorten. Bij natuurvriendelijk isoleren moet rekening worden gehouden met de geldende ecologische werkwijze.
Heeft de woning geen geschikte spouw, dan kan isolatie aan de binnen- of buitenzijde van de gevel een alternatief zijn.
Vloer- of bodemisolatie
Vloerisolatie vermindert warmteverlies naar de kruipruimte en maakt de vloer comfortabeler. Als de kruipruimte onvoldoende hoog of slecht bereikbaar is, kan bodemisolatie worden overwogen. Vloerisolatie heeft energetisch meestal meer effect dan alleen bodemisolatie.
Isoleer samenhangend
Voorkom dat je één onderdeel zeer zwaar isoleert terwijl andere delen grote warmtelekken blijven. Een samenhangend isolatieplan geeft doorgaans een beter resultaat en verkleint de kans op vocht- en ventilatie problemen.
Er wordt geadviseerd om voor een persoonlijke berekening gebruik te maken van de Verbetercheck. Daarin worden woningtype, bouwjaar en bestaande maatregelen meegenomen.
2. Vervang verouderd glas
Enkel glas en oud dubbel glas isoleren veel minder goed dan modern isolatieglas.
HR++-glas
HR++-glas is voor veel bestaande woningen een praktische keuze. Het past vaak in bestaande of aangepaste kozijnen en vermindert warmteverlies en koudeval.
Triple glas
Triple glas isoleert beter, maar is dikker en zwaarder. Het wordt daarom vaak gecombineerd met nieuwe, goed isolerende kozijnen. Triple glas is vooral interessant wanneer je de woning zeer goed wilt isoleren of voorbereidt op volledig elektrische verwarming.
Vergeet de kozijnen en kierdichting niet
Nieuw glas in slecht isolerende of beschadigde kozijnen levert niet altijd het optimale resultaat op. Controleer daarom ook:
- de isolatiewaarde van de kozijnen;
- de aansluiting tussen kozijn en gevel;
- tochtstrips en rubbers;
- naden rondom draaiende delen.
Maak de woning niet volledig kierdicht zonder de ventilatie te verbeteren. Verse lucht blijft nodig voor een gezond binnenklimaat.
3. Verbeter de ventilatie
Een geïsoleerde woning moet gecontroleerd worden geventileerd. Oude ventilatieboxen draaien vaak continu op een vaste stand en gebruiken meer stroom dan moderne systemen.
Mogelijke verbeteringen zijn:
- een zuinige gelijkstroomventilator;
- vraaggestuurde ventilatie met CO₂-sensoren;
- balansventilatie met warmteterugwinning;
- decentrale ventilatie met warmteterugwinning.
Vanaf 2026 kan een eigenaar-bewoner via de ISDE eenmalig € 400 subsidie krijgen voor een in aanmerking komend ventilatiesysteem. De ventilatie maatregel moet worden gecombineerd met minimaal één isolatiemaatregel en aan de technische voorwaarden voldoen.
4. Kies een zuiniger verwarmingssysteem
Na isolatie kun je bekijken welke duurzame verwarming bij de woning past.
Hybride warmtepomp
Een hybride warmtepomp werkt samen met de cv-ketel. De warmtepomp verzorgt een groot deel van de ruimteverwarming, terwijl de cv-ketel bijspringt bij een hoge warmtevraag en meestal het warme tapwater verzorgt.
Een hybride systeem kan al geschikt zijn voor een matig geïsoleerde woning, maar werkt zuiniger naarmate de woning beter is geïsoleerd. We noemen voor een hybride warmtepomp van 4 kW een voorbeeldprijs van ongeveer € 6.200 inclusief plaatsing. In het rekenvoorbeeld bedraagt de subsidie € 2.125. Werkelijke kosten en subsidie hangen af van het merk, vermogen, koudemiddel en de actuele meldcode.
Volledig elektrische warmtepomp
Een volledig elektrische warmtepomp verwarmt de woning en het tapwater zonder cv-ketel. Hiervoor moet de woning minimaal redelijk tot goed geïsoleerd zijn.
Als praktische indicatie noemen we onder meer:
- ongeveer 8 tot 12 centimeter dak- en vloerisolatie;
- een geïsoleerde spouwmuur;
- HR++-glas in verwarmde ruimten;
- radiatoren, convectoren of vloerverwarming die voldoende warmte afgeven bij een lage watertemperatuur.
Voor een all-electric lucht-water warmtepomp van 8 kW noemen we een voorbeeldprijs van ongeveer € 12.000 inclusief installatie en een voorbeeld subsidie van € 3.025. Eventuele aanpassingen aan radiatoren, elektra en warmwateropslag kunnen daar nog bijkomen.
Test of je woning klaar is voor lage temperatuur
Je kunt tijdens een koude periode de aanvoertemperatuur van de cv-ketel tijdelijk op ongeveer 50 graden zetten. Blijft de woning comfortabel warm, dan is dat een aanwijzing dat het afgiftesysteem mogelijk geschikt is voor verwarming op lagere temperatuur. Laat de definitieve dimensionering altijd door een deskundige uitvoeren.
5. Plaats zonnepanelen
Zonnepanelen leveren hernieuwbare elektriciteit en kunnen daardoor het energielabel verbeteren. Het effect hangt onder andere af van:
- het aantal panelen;
- het vermogen per paneel;
- de ligging en hellingshoek;
- beschaduwing;
- het dakoppervlak;
- de verhouding tussen opwek en gebouwgebonden energiegebruik.
De salderingsregeling geldt nog tot en met 31 december 2026. Vanaf 1 januari 2027 kan opgewekte elektriciteit niet meer jaarlijks worden weggestreept tegen afgenomen elektriciteit. Zelf opgewekte stroom direct gebruiken wordt daardoor financieel belangrijker.
Denk daarom niet alleen aan het aantal zonnepanelen, maar ook aan het slim gebruiken van de opgewekte stroom. Laat bijvoorbeeld de auto, warmtepomp of boiler werken op momenten waarop de panelen veel produceren.
6. Kan een thuisbatterij het energielabel verbeteren?
Sinds 29 mei 2026 wordt de opslag van elektriciteit meegenomen in de vernieuwde NTA 8800-methodiek. Hierdoor kan een vast aangesloten thuisbatterij onder voorwaarden invloed hebben op het energielabel.
De invloed is meestal kleiner dan die van maatregelen die de energievraag verlagen of duurzame energie opwekken. Een batterij:
- isoleert de woning niet;
- wekt zelf geen energie op;
- slaat elektriciteit tijdelijk op;
- kan het aandeel lokaal gebruikte zonnestroom vergroten.
Een thuisbatterij kan vooral relevant zijn wanneer de woning al dicht bij de grens van een hogere labelklasse zit. Frank Energie beschrijft voor opname op het energielabel onder meer een vaste aansluiting, voldoende opslagcapaciteit en de combinatie met zonnepanelen. Laat een EP-adviseur vooraf controleren hoe het gekozen systeem in jouw situatie wordt gewaardeerd.
Energielabel verbeteren van G of F naar C
Een woning met label G of F heeft vaak meerdere zwakke onderdelen. Eén losse maatregel is dan meestal niet voldoende.
Een logische aanpak is:
dak isoleren;
buitenmuren isoleren;
vloer isoleren;
enkel glas en oud dubbel glas vervangen;
kieren beperken en ventilatie verbeteren;
verwarmingsinstallatie verduurzamen;
zonnepanelen plaatsen als het dak geschikt is.
Bij een woning met label C of D zijn vaak al enkele maatregelen uitgevoerd. Controleer dan vooral waar nog zwakke plekken zitten. Denk aan een ongeïsoleerde vloer, matig dak, oud dubbel glas of een verouderde cv-ketel.
Bij label A of B ligt de nadruk vaker op installaties, hernieuwbare energie, energieopslag en het verder verlagen van de warmtevraag.
Een labelsprong kan nooit vooraf uitsluitend op basis van één maatregel worden gegarandeerd. De woningvorm, oppervlakte, aanwezige installaties en technische specificaties bepalen samen de uitkomst.
Bewaar foto’s, facturen en productgegevens
Bewijsstukken zijn belangrijk bij het aanvragen van subsidie én bij het vaststellen van een nieuw energielabel.
Bewaar daarom:
- facturen en betaalbewijzen;
- offertes en opdrachtbevestigingen;
- foto’s vóór, tijdens en na de werkzaamheden;
- productbladen en isolatiewaarden;
- meldcodes;
- informatie over dikte en oppervlakte van isolatie;
- gegevens van zonnepanelen, omvormer, warmtepomp en batterij.
Kan niet worden aangetoond welk isolatiemateriaal is aangebracht, dan moet de energieadviseur soms een inschatting maken op basis van bijvoorbeeld het bouwjaar. Dat kan ongunstiger uitpakken dan de werkelijke situatie.
Subsidie voor het verbeteren van je energielabel in 2026
Voor eigenaar-bewoners is de ISDE de belangrijkste landelijke subsidieregeling.
ISDE voor isolatie
De ISDE is beschikbaar voor vijf soorten isolatiemaatregelen:
- dak- of zoldervloerisolatie;
- spouwmuurisolatie;
- gevelisolatie;
- vloer- of bodemisolatie;
- glasisolatie.
De werkzaamheden moeten volledig door een bouw- of installatiebedrijf worden uitgevoerd. Voor zelf aangebrachte isolatie krijg je geen ISDE. De subsidie geldt voor isolatie van het bestaande woning oppervlakte, niet voor een nieuwe aanbouw of uitbreiding.
Laat je binnen 24 maanden twee isolatiemaatregelen uitvoeren, of combineer je isolatie met een warmtepomp, zonneboiler of aansluiting op een warmtenet? Dan wordt het subsidiebedrag voor de isolatiemaatregel verdubbeld.
Belangrijke aanvraagvoorwaarden
Bij ISDE voor woningeigenaren geldt in het algemeen:
- laat de maatregel eerst uitvoeren;
- vraag daarna subsidie aan;
- dien de aanvraag uiterlijk binnen 24 maanden in;
- zorg dat meldcodes en oppervlakten correct op de factuur staan;
- maak tijdens isolatiewerkzaamheden duidelijke foto’s;
- bewaar facturen en betaalbewijzen.
De precieze bedragen en voorwaarden kunnen per jaar, product en maatregel veranderen. Controleer daarom vóór het ondertekenen van de opdracht de actuele RVO-voorwaarden en meld codelijst.
Subsidie voor VvE’s en verhuurders
Voor een appartement binnen een VvE kan de Subsidieregeling verduurzaming voor verenigingen van eigenaars, de SVVE, van toepassing zijn. De regeling ondersteunt onder meer verduurzaming advies, isolatie, duurzame warmte en laadinfrastructuur.
Particuliere en zakelijke verhuurders kunnen voor bestaande huurwoningen gebruikmaken van de SVOH. Deze regeling ondersteunt onder andere isolatie, energiezuinige ventilatie, duurzame warmte en maatwerkadvies.
Energiekosten verder verlagen met de slimme diensten van Frank Energie
Een beter energielabel verlaagt vooral de energiebehoefte van je woning. Met slimme aansturing kun je vervolgens optimaliseren wanneer je elektriciteit gebruikt, opslaat of teruglevert.
Frank Energie biedt hiervoor verschillende slimme diensten:
Slim Verwarmen
Bij Slim Verwarmen wordt een ondersteunde warmtepomp of airco automatisch iets eerder of later aangestuurd wanneer energieprijzen of de situatie op het elektriciteitsnet daar aanleiding toe geven. Het doel is energie gebruiken op gunstige momenten zonder merkbaar comfortverlies.
Slim Terugleveren
Slim Terugleveren kan de teruglevering van zonnepanelen tijdelijk stoppen wanneer de dynamische stroomprijs negatief is. Zodra terugleveren weer gunstig is, wordt de omvormer opnieuw aangestuurd.
Slim Stroom Handelen
Met Slim Stroom Handelen wordt een ondersteunde thuisbatterij automatisch opgeladen en ontladen op basis van ontwikkelingen op meerdere energiemarkten. Daarmee kan de batterij naast eigen zonnestroom ook worden ingezet voor slimme energiehandel.
Slim Laden
Slim Laden verschuift het opladen van een elektrische auto naar goedkope en vaak duurzamere uren. Je geeft aan wanneer de auto voldoende geladen moet zijn; de planning gebeurt vervolgens automatisch.
Voor de slimme diensten zijn een actief dynamisch energiecontract, een werkende slimme meter en een ondersteund apparaat nodig.
Een dynamisch energiecontract of slimme aansturing verbetert het energielabel niet automatisch. Het zijn aanvullende oplossingen waarmee je na het verduurzamen meer uit je warmtepomp, zonnepanelen, thuisbatterij of elektrische auto kunt halen. Vooral na het stoppen van de salderingsregeling in 2027 wordt het belangrijker om eigen zonnestroom slim te gebruiken en het elektriciteitsverbruik over de dag te verdelen.

Tessa de Boer
Content Marketeer
Als content marketeer bij Frank Energie werkt Tessa aan uiteenlopende communicatiekanalen: van kennisbankartikelen tot social media, website en e-mailmarketing. Ze maakt complexe energiethema’s begrijpelijk en toegankelijk, zodat klanten inzicht krijgen in hun mogelijkheden en meer grip krijgen op hun energie.

Niet gevonden wat je zocht?
Bekijk het overzicht met veelgestelde vragen of neem direct contact op. We helpen je graag verder. Bekijk het overzicht met veelgestelde vragen of neem direct contact op. We helpen je graag verder.




